donderdag 12 februari 2009

Gekloe-ët, begot of in 't AN Belazerd en verkocht

Uit de bib geleend en uitgelezen. Het laatste deel van Taal in stad en land over de Belgische dialecten "Belgisch-Limburgs" van de hand van Rob Belemans en Ronny Keulen. Lannoo, Tielt. 2004.
ISBN 90 209 5855 0.

Vraagt één van beide auteurs of misschien allebei zich af op p.87:

[..] Zou het schrijven van een lokaal dialectwoordenboek het gevolg kunnen zijn van een virale infectie die de auteur ervan opgelopen heeft?

[..] Waarom spenderen mensen vaak jarenlang het grootste deel van hun kostbare vrije tijd aan het individueel of in groep verzamelen, beschrijven en te boek stellen van de woordenschat van hun plaatselijke dialect?

[..] Als het waar is dat die plaatselijke woordenboeken in verhoudingsgewijs grote oplagen gemaakt en verkocht worden om vervolgens vooral op de boekenplank van ongeveer ieder lokaal gezin onaangeroerd te blijven staan, wat is dan toch de zin van dit cultuurverschijnsel?

Ze gaven zelf het antwoord al op p.81
[..] Na de Tweede Wereldoorlog werd via de ABN-beweging in Vlaanderen een grootschalig en lange tijd volgehouden actiepunt gemaakt van het talig standaardiseren van de Vlamingen. Alle media - ook de pas opkomende televisie - werden ingeschakeld om de Vlaamse bevolking ervan te doordringen dat de officiële taal van Nederland ook de normtaal van de Vlamingen was en dat het broodnodig was dat iedere Vlaming die ook op aanvaardbare wijze zou spreken. Via onderwijs en media werd de druk op Vlaamse ouders opgevoerd om hun kinderen thuis niet langer in het dialect op te voeden en de verspreiding van de officiële taal louter aan het onderwijs over te laten. Daarbij werd de term Algemeen Beschaafd Nederlands (ABN) niet geschuwd om een maximaal contrast te suggereren met de impliciet als 'onbeschaafd' gebrandmerkte dialecten. Bij deze enigszins machiavellistische strategie en taalplanning kunnen vanuit hedendaags perspectief en inzicht allerlei bedenkingen geformuleerd worden, die echter destijds duidelijk niet aan de orde waren. [..]

Ik geef hierbij mijn persoonlijke indrukken bij de heropleving van de belangstelling voor het dialect, niet alleen bij het samenstellen van woordenboeken en lijsten, ook zangers die brood zien in het dialect en kopers van boeken waarvan de inhoud met dat dialect te maken heeft.

Moedertaal is de taal die met de pap ingelepeld wordt. Als vader een ander moedertaal heeft - want die hèb je - dan wordt de telg tweetalig groot. Die taal of talen die een kind zonder grammatica vastgelegd heeft in zijn taalbrein maakt deel uit van zijn identiteit. Het is een persoonskenmerk. Een kind doet er een aantal jaren over om dat proces tot een goed einde te brengen. Als het schoolrijp is, is de ene helft van zijn taalverwerving een feit. De basisstructuur is gelegd. Daarna komt het lezen en schrijven. Dit deel van de taalverwerving steunt op de gehoorde en gesproken moedertaal van het kind.

Mijn generatie werd geconfronteerd met de afwijzing van de moedertaal als fout. De schuld en de schaamte werd er zo hard ingehamerd dat wij onze kinderen ons dialect niet hebben doorgegeven. Wij zijn "schoon" beginnen spreken, "gekuist". Ik heb geen weet van enig verweer tegen deze manier van doen. We hebben ons door de herdershonden als een kudde schapen laten leiden om te grazen. De elite keek met ergernis neer op diegene die een steek liet vallen.

TV
Joos Florquin startte in 1962, samen met professor Fr. van Coetsem, de TV taalrubriek "Hier spreekt men Nederlands".
In de vroege jaren '70 werden Vlaamse televisiekijkers driemaal per week uitgenodigd in de villa van professor Joos Florquin, die hen samen met het bekvechtende duo Fons Fraeters en Annie Van Avermaet Standaardnederlands bijbracht.

Radio
Marc Galle verwierf bekendheid door zijn "Taalwenken - Voor wie haar soms geweld aandoet" op de BRT-radio van 1965 tot 1976. Elke ochtend hoorde je uit zijn zuinige mond hoe je het niet zegt, en hoe je het dan wel hoort te zeggen. Dat heette toen volksverheffing. Elf jaar lang iedere dag om halfacht voor je naar school fietste. In ’65 is Marc op vraag van zijn vriend Marcel Colla, toenmalig BRT directeur, gestart met een dagelijkse taalkroniek. Nu zou men dat "inheiïng" of "druppelfoltering" noemen.

Kranten
Van 16 maart 1959 tot 5 februari 1960 verscheen de rubriek "Uit de taaltuin" van de hand van Dr. Jan Grauls, die werd opgevolgd door Herman Oosterwijk die op zijn beurt in augustus 1960 overleed.
Vanaf 14 februari 1961 schreef Maarten van Nierop zijn dagelijkse rubriek Taaltuin in De Standaard, Het Nieuwsblad, Het Handelsblad en de Gentenaar. Ze werden later verzameld in boekvorm uitgegeven. Deze "taaltuinen" puilden uit van misprijzen voor alles wat Vlaams was en een onbegrensde verering voor alles wat Nederlands was.

Cultuur
Pas in 1969 verscheen er van de hand van Gerard Walschap een boekje dat de titel droeg "De culturele repressie" dat de trouweloosheid aan het Vlaamse taaleigen aanklaagt. Walschap werd niet gehoord. De Strangers zongen hun eerste liedjes in het AN. Pas in 1960 brachten ze de Sinjorentram uit in dialect. Wannes VandeVelde bracht zijn eerste plaat uit in 1966.

Het was perfect mogelijk om NAAST het dialect een vehiculaire standaardtaal te promoten. Bestaat er een standaard Belgisch-Frans naast het Waals of is de standaardtaal het Frans van de Francophonie uit Parijs, doorspect met een aantal Belgicismen?

Het ABN is als kunstmatige taal verworden tot VerkavelingsVlaams, een conglomeraat van aangevreten Nederlands met invloeden uit de dialecten, in grote mate overheerst door het Brabants, terwijl de authentieke dialecten van de drie grote families met uitsterven bedreigd worden, omdat ze niet op gelijke voet werden behandeld met het ABN. De heropleving van het dialect is voor een groot deel te verklaren als een onderhuidse weerwraak van Limburgers, Vlamingen en Brabanders, die de teloorgang van hun moedertaal alsnog proberen te keren.

De zoektocht naar de taalwortels (roets) van een aantal jongeren is een verzuchting om alsnog voeling te houden met een bedreigde taal, die hun grootouders nog kennen, maar niet als moedertaal hebben doorgegeven aan hun ouders. Om aan dit verwijt te ontkomen wordt tussentaal en dialect in de media toegestaan om de pijn van het verlies te verzachten, met als gevolg dat het nieuwe Belgisch-Vlaams een eenheidsworst wordt, waar niemand om gevraagd heeft en dat velen met een onoverkomelijke frustratie opscheept. Dialectwoordenboeken en -cursussen zijn een doekje voor het bloeden die door een groep doordrijvers gezien worden als een ultieme poging om hun moedertaal te laten overleven.

1 opmerking:

Krommenaas zei

Goed gesproken. Maar wat zie jij eigenlijk als de beste weg voorwaarts?